Kwaliteit

Het project Kwaliteit levert een bijdrage aan het verhogen van de kwaliteit van de uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH-taken).
Een professionele kwaliteit van de uitvoering van deze taken is wat de samenleving van de overheid verwacht. De regelgeving in het Wabo-domein is complex. Eenduidige kwaliteitscriteria maken de uitvoering een stuk eenduidiger. Het doel is om de uitvoering transparanter en voorspelbaarder te maken en een meer gelijkmatige aanpak over het land te realiseren.
Op dit moment loopt en een implementatietraject van de kwaliteitscriteria. Dit traject is begonnen in 2013 met een startmeting via de zelfevaluatietool (zie  ook voor meer informatie de website van Kenniscentrum InfoMil) en zal eind 2014 worden afgesloten met een eindmeting. Het is de bedoeling dat alle organisaties per 2015 aan de kwaliteitscriteria voldoen. De planning is dat er vanaf 2015 een instrument beschikbaar is om de kwaliteit van de uitvoering te borgen.
Meer informatie? Neem contact op met projectleider: Marc du Maine

Achtergrond

Rijk, IPO en VNG hebben eind juni 2012 de set met VTH-kwaliteitscriteria 2.1 gezamenlijk bestuurlijk vastgesteld. De kwaliteitscriteria gelden zowel voor de taken die worden uitgevoerd door een RUD, als voor de taken die het bevoegd gezag in eigen beheer uitvoert. Voldoen aan de kwaliteitscriteria 2.1 gaat niet vanzelf. Er start daarom landelijk een implementatietraject, dat ongeveer twee jaar zal duren. Het doel van dit implementatietraject is het faciliteren van alle bevoegde gezagen zodat zij in staat worden gesteld om aan het einde van het implementatietraject te kunnen voldoen aan de kwaliteitseisen en dat die kwaliteit dan ook geborgd wordt.

Het implementatietraject

Het implementatietraject VTH-kwaliteitscriteria kent de volgende fases:
Fase 1 De startmeting (maart – mei 2013) Het implementatietraject begint met het invullen van de zelfevaluatietool. Dit is een hulpmiddel waarmee de bevoegde gezagen zelf de eigen situatie in beeld kunt brengen. De tool is beschikbaar via www.infomil.nl/zelfevaluatietool. Voor de taken die door een RUD worden uitgevoerd, kan de startmeting door de RUD worden uitgevoerd; de zelfevaluatietool is hiervoor geschikt gemaakt. De startmeting biedt inzicht in hoe de bevoegde gezagen zich (eventueel met partners) verhouden tot de VTH-kwaliteitscriteria 2.1. Het resultaat van de startmeting is dat het voor de bevoegde gezagen duidelijk is op welke punten de eigen organisatie voldoet aan de kwaliteitscriteria en waar nog een verbeterslag nodig is.

Fase 2

Het verbeterplan (juni – september 2013) Kunnen er nog verbeterslagen gemaakt worden, dan stellen de bevoegde gezagen hiervoor een verbeterplan op. Het kernteam ontwikkelt hiervoor nog een hulpmiddel.

Fase 3

Professionaliseren (oktober 2013 – oktober 2014) In deze periode voeren de bevoegde gezagen verbeteringen door en borgt men ze in de eigen organisatie.

Fase 4

De eindmeting (november – december 2014) Aan het eind van het verbetertraject vullen de bevoegde gezagen nogmaals de zelfevaluatietool in om te laten zien dat de eigen organisatie voldoet aan de kwaliteitscriteria.

Fase 5

Kwaliteitsborging (vanaf 2015) Hoewel het implementatietraject formeel is afgerond per 1 januari 2015, is er daarna natuurlijk ook nog aandacht voor kwaliteitsborging: het kwaliteitsniveau moet onderhouden worden. Het uitgangspunt hierbij is dat alle organisaties voor alle taken aan de kwaliteitseisen voldoen op 1 januari 2015 en dat het ieders taak en verantwoordelijkheid is om te zorgen dat dat zo blijft. Instrumenten die hierbij kunnen worden ingezet zijn bijvoorbeeld de collegiale toets en horizontale verantwoording. De zelfevaluatietool blijft nog enige tijd beschikbaar voor uitvoeringsorganisaties. Het landelijk kernteam kwaliteit, dat bestaat uit vertegenwoordigers van gemeenten, provincies, RUD’s en de Inspectie leefomgeving en transport, zal dit implementatietraject faciliteren.